De nieuwe Crossbill Guides Wadden 18 januari 2019

De Waddenzee is alleen al voor de vogels een volstrekt onmisbare plek. Vandaar ook dat Vogelbescherming al decennialang strijdt voor een betere bescherming. De nieuwe  ‘Crossbill Guides Wadden, de natuurgids’ geeft puike natuur- en vogelinformatie. De vijf Waddeneilanden hebben elk hun bijzonderheden, hun ‘hoogsteilandse’ reden om er heen te gaan.

Tekst: Monica Wesseling

Wie de Wadden zegt, zegt vogels, hoewel slechts weinigen zich de werkelijke waarde van dit immense natuurgebied realiseren. Jaarlijks maken miljoenen vogels gebruik van het natuurgebied; de meeste op doortrek om er te foerageren. Van onder meer wulp, goudplevier, rotgans en eidereend verblijft op enig moment in het jaar minimaal 1% van Europese populatie in ons Waddengebied. Lepelaar, de grutto en de grote stern zijn er met zelfs meer dan 10% van de wereldpopulatie present en ook de grote stern is met 28% van de Europese populatie een ‘belanghebbende’ broeder.

Vogels volop

Vogels houden van de Wadden. Het hele jaar door is er voedsel in overvloed. Bovendien zijn de Wadden ongekend gevarieerd. Je vindt er duinen, kwelders, bos, plaat, (groen) strand, vallei, plas, riet en zo nog wat biotopen. En elk leefgebied kent zijn eigen vogels.

Maar ook binnen de verschillende leefgebieden, is de vogelvariatie enorm. De ene vogel broedt in bomen, de ander op de bodem; de een pikt naar wormen, de ander plukt een konijn. En dan heb je nog de verschillen in ritmen. De vogels van het vasteland leven bij dag en nacht terwijl de ‘echte’ waddenvogels zich door het tij laten leiden.

Onontgonnen

De vijf Waddeneilanden hebben elk hun bijzonderheden, hun ‘hoogsteilandse’ reden om er heen te gaan. Veel ervan zijn bekend, ook bij minder doorwinterde vogelliefhebbers. De slufter op Texel, de Boschplaat op Terschelling en de Vliehors op Vlieland bijvoorbeeld.

Er zijn minstens even veel nog ‘onontgonnen’ plekken. Voor het bezoeken en ontdekken van bekend en onbekend komt de spiksplinternieuwe Crossbill Guides Wadden, de natuurgids prima te pas: een boek boordevol informatie over landschap, flora en fauna van de Wadden.

Uniek

Het Waddengebied is zó rijk dat je het eigenlijk helemaal moet bekijken, maar ja, daarvoor ontbreekt menigeen de tijd. En dus de vraag aan de schrijver en overigens ook de initiatiefnemer van de hele serie, Dirk Hilbers, wat voor de verschillende eilanden én het noordelijk vasteland de – om het met een vreselijke uitdrukking te zeggen – ‘unique sellingpoints’ zijn.

Texel, zo vertelt Dirk, is, naast de tienduizenden kale-grondbroeders (waaronder duizenden grote sterns) in Utopia, ook een puik eiland om dwaalgasten te zien. “Het is het meest noordwestelijke punt. Als een Siberische trekvogel per ongeluk iets teveel het westen aanhoudt, komt hij bij de zee terecht. Daar schikt hij van en landt op Texel. In de Tuintjes, het Renvogelveld of in de Eierlandse Polder kun je bijvoorbeeld elk jaar wel bladkoningen of morinelplevieren zien. Soms is er nóg exclusiever vogelvolk te vinden. Oog in oog met een blauwstaart, renvogel of woestijntapuit: het kan je zomaar gebeuren.”

Duin en zand

Naar Vlieland ga je voor de Vliehors, de grootste zandplaat van ons land met onder meer broedende strandplevieren en dwergsterns. Bovendien heeft Vlieland oude bossen met bosvogels.

Op Terschelling is een enorm duinherstelproject uitgevoerd waardoor de duinvalleien weer zo nat zijn als ze moeten zijn met bloeiende parnassia, duizendguldenkruid en orchideeën plus lepelaars, blauwborsten en nachtegalen. Vogelbescherming Nederland heeft er samen met boeren de PolderPracht-route uitgezet door polder waar dankzij goed beheer boeren en grutto’s gelukkig zijn.

Meer en spoelsel

Het duinmeer bij de Hollumer Duin op Ameland is een futenfeest; alle vijf futensoorten (geoorde fuut, fuut, dodaars, roodhalsfuut en kuifduiker) komen zwemmen en duiken er. Ameland is bovendien een van de weinige plekken waar veldmuizen voorkomen met de bijbehorende roofvogels. Zelfs kans op een velduil!

Op Schiermonnikoog verzamelt zich in de nazomer een mooie groep kleine zilverreigers bij de Westerplas. Ook het aanspoelsel op het groene strand (westelijke Noordzee-kant) is de moeite waard met ’s winters altijd wel noordelijke zangvogels als sneeuwgors, strandleeuwerik, oeverpieper en frater.

Buiten de eilanden komen in het boek Wieringen en de Noord-Hollandse Waddenkust aan bod (zwarte sterns en lachsterns), bezoek je de Friese en Groningse Waddenkust (weidevogels, grauwe kiekendieven, ruigpootbuizerds en vele duizenden ganzen) en de vind je de beste plekken van het Lauwersmeergebied (inclusief roerdomp, reuzenstern en zeearend).

De Crossbill Guides Wadden, de natuurgids

De Crossbill Guides Wadden, de natuurgids, is een aanrader. Na een algemene uitleg over landschap, flora en fauna (met alleen al 117 pagina’s over vogels) worden de afzonderlijke eilanden ‘behandeld’. Op elk eiland is één verkennende fietsroute uitgezet en worden meerdere wandelroutes beschreven waarop je het landschap, flora en fauna goed leert kennen. Per route wordt vermeld waar welke vogels te vinden zijn plus bij sommige wat extra informatie. Tips over het tijdstip van de dag, spectaculaire flora, bijzondere zoogdieren, vlinders, libellen.

Crossbill Guides Wadden, de natuurgids. Auteur Dirk Hilbers. Crossbill Guides Foundation / KNNV Uitgeverij.

Vanaf maart verkrijgbaar in de (web)winkel van Vogelbescherming Nederland