Boswandeling Terschelling – Sparrenlaan en Groene Pollen – 7 km

Tijdens deze wandeling van Staatsbosbeheer over de Sparrenlaan en door de Groene Pollen maak je kennis met de geschiedenis van het bos en het beheer ervan in het verleden en in de toekomst. Het is een fikse wandeling, grotendeels door het bos met op enkele plaatsen een verrassend uitzicht over de duinen. 

Het bos is voor het overgrote deel aangeplant tussen 1914 en 1925. Het bosgedeelte tegenover het startpunt is niet het hoogste, maar wel het oudste bos (geplant in 1914) op Terschelling. Bij de bebossingen zijn maar enkele boomsoorten gebruikt waardoor het bos er overal ongeveer hetzelfde uitzag. Ook omdat alle bomen bijna even oud waren. Staatsbosbeheer heeft in de bossen langs deze route de laatste jaren heel wat werk verzet en veel bomen geveld. Er is echter ook een groot stuk bos waar al meer dan 25 jaar niets is gedaan; het mysterieuze “Niets doen bos”. Zo is er meer variatie ontstaan. Langs deze route kunt u zien en beleven hoe het bos verandert.

Routebeschrijving boswandeling Terschelling – Sparrenlaan en Groen Pollen

Startpunt: kantoor Staatsbosbeheer, Longway 28, West-Terschelling.
Route kleur: Blauw
Duur: Ruim 2 uur

Bekijk boswandeling Terschelling op de Interactieve kaart.

Wandelroute-Terschelling

Highlights langs de route

Punt 1Corsicaanse dennen

De Corsicaanse dennen die hier staan zijn in 1916 geplant en ze hebben het goed naar hun zin. Door regelmatig enkele bomen weg te zagen krijgen de overblijvers meer ruimte. Deze bomen zullen ook in de toekomst verder door mogen groeien tot een hoog bos met oude, dikke bomen.

Punt 2Sparrenlaan

Omdat men vroeger langs dit pad veel sparren heeft geplant is dit de Sparrenlaan. Maar in de loop der tijd zijn er veel verdwenen. Om de “laan” en z’n naam in stand te houden heeft Staatsbosbeheer op enkele plaatsen langs dit pad in 2008 weer jonge sparren aangeplant. Links en rechts staat hoog oud bos met zo hier en daar enkele loofbomen zoals eiken en tamme kastanjes. Daar waren er maar weinig van. Daarom is er bij het uitdunnen extra op gelet en zijn deze bomen steeds gespaard.

Punt 3Variatie

Alle bomen in deze omgeving waren ongeveer even oud en van dezelfde soort. Hier zijn open ruimtes gemaakt om plaats te maken voor jonge bomen en andere soorten planten. Er zijn o.a. berken en ook jonge dennen en eiken ingeplant. Aan de dennen kun je zien hoe lang dat ongeveer geleden is. Ieder jaar ontstaat er een nieuwe krans van takken rond de stam. Door deze takkenkransen te tellen, kun je vrij nauwkeurig de leeftijd van de boom vaststellen. Onderaan moet je wel goed kijken en je moet er een paar bijtellen voor de eerste jaren, die niet meer zichtbaar zijn. Ook kun je zien hoeveel een boom per jaar gegroeid is. In goede jaren soms wel meer dan 75 cm.

Punt 4Ringen

Hier, maar ook op veel andere plaatsen, zijn dennenbomen “geringd”. Door aan de voet van de boom de bast rondom door te zagen, zorg je op kunstmatige wijze voor afstervende en dode bomen in het bos. Ook dood hout leeft volop. Denk daarbij onder andere aan schimmels, zwammen en insekten. De afstervende bomen zitten vol met insecten en dat is goed te zien aan de vele hakgaten van spechten. Ook hakken deze vogels hun nestholen in de dode stammen.

Sparrenlaan Terschelling

Punt 5Na de storm

Hier zijn in een zware storm in 1972 veel bomen omgewaaid. Een deel van deze open ruimtes is ingeplant met eiken en sparren. Later zijn er spontaan nog veel meer jonge bomen opgekomen.

Punt 6Lichten

In de loop der tijd deed men meer ervaring op met verjon
gingsmogelijkheden. Hier is in 1996 een, wat men in bosbouwtermen sterke lichting noemt, uitgevoerd. Meer dan 90% van de dennenbomen is weggehaald. Daarna is het geheel aan de natuur overgelaten; overal zijn spontaan jonge boompjes opgekomen, zoals eik, berk, lijsterbes, spar, zo hier en daar een hulst en tamme kastanje en natuurlijk ook jonge dennen.

Punt 7 Licht

De verschijningsvorm van een boom wordt sterk bepaald door de hoeveelheid licht tijdens de groei. De sparren die hier staan hebben van begin af aan volop licht gehad en zijn tot onderaan toe groen. De dennen hiernaast hebben altijd dicht op elkaar gestaan. Hierdoor bleef alleen de top groen en stierven de takken daaronder af. Zulke lange rechte en onbetakte stammen zijn voor de houtverwerkende bedrijven geschikt omdat er weinig noesten in zitten .

Punt 8Drinkwater

In deze omgeving liggen de putten waar drinkwater opgepompt wordt. Bijna al het water dat op Terschelling gebruikt wordt komt via een pijpleiding van het vaste land. Als noodvoorziening wordt een beperkte capaciteit eilandwaterwinning in stand gehouden. Als al het drinkwater hier gewonnen zou worden zou dat een sterke daling van het grondwaterpeil en verdroging tot gevolg hebben.

Punt 9Niets doen

In dit deel van het bos is al meer dan 25 jaar niets meer gedaan. Dit geeft een heel ander bosbeeld dan een stukje terug. Het is er veel donkerder en ook de atmosfeer is anders, vooral de luchtvochtigheid is veel hoger. De bodem is bedekt met dennennaalden en de ondergroei bestaat uit bijna alleen maar mos. In deze typische strooisellaag groeien twee bijzonder plantensoorten: de dennenorchis en de kleine keverorchis.

Punt-10Water

Vroeger waren de duinen veel natter dan nu en stonden de lage gebieden een deel van het jaar onder water. Om de bosaanleg mogelijk te maken, zijn sloten gegraven die het water afvoeren naar de Waddenzee. Ook naaldbomen verdampen veel water. Door deze twee invloeden is de grondwaterstand hier flink gedaald. Als de sloten gedempt zouden worden en het bos weg zou zijn, staat het water hier in natte jaargetijden tot ruim boven uw knieën.

Punt-11Groene Pollen

Dit merkwaardige stuk grasland noemt men de “Groene Pollen”. Pollen zijn lage verspreid liggende duintjes. Vóór de bebossing was dit een nat gebied waar weidevogels, o.a de kemphaan broedde. In 1910 is het, als een van de eerste activiteiten van Staatsbosbeheer in het duingebied, geëgaliseerd en als bouw- en grasland verpacht. Dit bracht meer op dan het bos. Nu grazen er in de zomer enkele paarden en is het landschappelijk een verrassende open ruimte in het bos.

Punt-12Heide of bos?

Op deze beschutte plaats zijn in de loop der tijd talloze eiken opgeschoten uit eikels die hier door Vlaamse gaaien zijn verstopt. Op de lange duur zal zo’n gebied veranderen in een echt natuurbos.

Vlaamse gaai - Elwin van der Kolk
Vlaamse gaai als bosbouwer

Zaden van bv. berk, esdoorn, spar en den zijn licht en worden door de wind verspreid. Zo kunnen ze tot kilometers ver van de moederbomen, terechtkomen en ontkiemen. Bij besdragende bomen en struiken, zoals lijsterbes, hulst en vogelkers zorgen vogels, vooral lijsterachtigen, voor de verspreiding van de zaden. Ook deze soorten verspreiden zich vrij eenvoudig over een groot gebied. Maar hoe gaat het nu met bomen die dikke, zware zaden dragen, zoals eik, beuk of tamme kastanje? Deze zware zaden vallen toch domweg recht naar beneden en komen alleen maar onder de zaadbomen terecht? En toch zie je op veel plaatsen jonge bomen van deze soorten, soms tot ver buiten het bos.

Dit is het werk van de Vlaamse gaaien. In het voorjaar en de zomer leven ze vooral van insecten, rupsen en zo nu en dan een eitje of jong vogeltje. De rest van het jaar zijn ze vooral vegetariër en leven ze van grote zaden. In de herfst leggen Vlaamse gaaien voedselvoorraden aan om de winter door te komen. Hiervoor verstoppen ze overal eikels en kastanjes, één voor één, in de grond. Maar na verloop van tijd laat hun geheugen hen echter wat in de steek en vinden ze lang niet alle begraven zaden terug.

Een Vlaamse gaai kan in de herfst wel meer dan 5000 eikels “verstoppen”. Stel dat ze hiervan 90% terugvinden, dan blijven er nog 500 over om te kiemen. Hiermee speelt de Vlaamse gaai een niet te onderschatten rol in de samenstelling van het bos van de toekomst. Ook de solitaire eiken die overal verspreid in de duinen voorkomen zijn opgekomen uit eikels die daar ooit door Vlaamse gaaien zijn “gepoot”.

Meer routes, het volledige wandelnetwerk en een beknopte veldgids vindt u in het boekje: ‘Wandelen op Terschelling’, onder andere verkrijgbaar bij VVV Terschelling, Natuurschuur in Lies en bij de boekhandels op Terschelling.